Windmolens Oldebroek

Het dossier windmolens loopt al sinds 2005. Het is altijd een dossier met een dubbel gevoel geweest: het bestuur is immers voor duurzame energie en niet tegen windmolens. Maar de plaats van windmolens is belangrijk. Windmolens hebben vaak maar een beperkte invloed op vogels maar dat ze niet thuis horen in de nabijheid van vogels wiens instandhouding gevaar loopt lijkt evident.

Gemeente Oldebroek is met 200 km2 vier keer zo groot als Hattem. Op een groot deel van het grondgebied zijn windmolens mogelijk volgens de provinciale verordening. Toch koos gemeente een plek waarbij de verordening moest worden aangepast, in een kom tussen Natura 2000 gebieden en op de rand van Gelders Natuur Netwerk. Ze zocht niet naar alternatieven. In 2009 werd een bestemmingsplan vernietigd op het ontbreken van een en ander.

Begin 2017 heeft de VLMH een zienswijze ingediend op een nieuw ontwerpbestemmingsplan. Nadat de gemeente een nieuw vogelrapport op liet stellen hebben omwonenden en VLMH een onafhankelijke contra-expertise uit laten voeren.

Weer naar de Raad van State

Na publicatie van het bestemmingsplan hebben we samen met de Vereniging Natuurstudie en Bescherming IJsseldelta vervolgens bezwaar ingediend bij de Raad van State. Het bezwaar richtte zich op nadelige effecten op vogels (zoals het ontbreken van data bij de onderzoeken op de effecten van vogels, het ontbreken van een natuurvergunning), het niet voldoende doorvoeren van de tijdelijkheid (25 jaar) van de molens, en de besluitvorming over de plaats (de gemeente had geen alternatieven onderzocht, en de effecten op een zeer nabij gelegen Gelders Natuur Netwerk, GNN, niet beoordeeld). Bezwaren vanwege het landschap hebben we niet meer meegenomen, deze hadden o.i. geen kans van slagen. Gemeente Hattem besloot geen bezwaar te maken, men zag geen bestuurlijke omissies (2017-08-24 RI windmolenpark Hattemerbroek).

Stichting Advisering Bestuursrechtspraak voor Milieu en Ruimtelijke ordening (StAB) bekeek in 2017 een en ander namens de Raad Van State. De VLMH en de Vereniging IJsseldelta zijn ook gehoord.

2018: gemeente Oldebroek herstelt alsnog een en ander 

In 2018 vroeg gemeente Oldebroek alsnog een natuurwetvergunning aan. De VLMH schreef een zienswijze.  

StAB onderschreef in maart van dit jaar de standpunten van de VLMH. De invloed op GNN was inderdaad niet beoordeeld. StAB betwijfelde of de gebruikte data in de (op dat moment al 3!) studies van de overheden een betrouwbaar beeld geven van de vogels in de polder.

Daarop is een aanvullend vogelonderzoek uitgevoerd door gemeente Oldebroek en de provincie. De sterfte die vervolgens bij bijvoorbeeld kleine zwanen en goudplevieren (een vogelsoort die op de rode lijst staat met een zeer ongunstig toekomstperspectief) op grond van bureau – extrapolaties verwacht werd, lag precies op grens van de norm die de RvS bij gebrek aan een wetenschappelijke norm hanteert. Op 3 december volgde de laatste zitting bij de RvS waar wederom aangegeven werd dat data ontbraken.

Voorlopige uitspraak Raad van State

Inmiddels is er een voorlopige uitspraak. Volgens de RvS hoeft een onderzoek geen jaarronde metingen of specifieke data afkomstig uit het gebied zelf te gebruiken. De gemeente mocht de plaats niet met zichzelf vergelijken maar wel met een ander zwaarte molen op dezelfde plaats. De gemeenteraad had de gevolgen op de GNN onterecht niet meegewogen en dat vond de RvS onzorgvuldig. Maar volgens de RvS heeft de gemeenteraad van Oldebroek dit alsnog hersteld. De natuurvergunning ontbrak, maar ook hier heeft de gemeente alsnog een en ander hersteld. De RvS zal in het definitieve besluit aangeven of deze twee omissies nog consequenties zullen hebben voor het plan. Allerlei gebreken in de planregels moeten hersteld. De tijdelijkheid moet worden vastgelegd.